Ontwaken Jan Kees Vergouw

 

Vraag: Toch verwijzen veel leraren naar methoden als bijvoorbeeld meditatie. Helpt het lezen van veel boeken?

JK: Het is geen kwestie of zoiets helpt, het is bijna onvermijdelijk dat we boeken lezen, dat we boeken over zelfrealisatie in handen krijgen. Dat gebeurt. Er zijn heel weinig voorbeelden te noemen van mensen die tot zelfrealisatie komen zonder gelezen te hebben of zonder gemediteerd te hebben of zonder in de zon gekeken te hebben of zonder op hun kop gestaan te hebben. Er zijn maar heel weinig mensen die dat niet gedaan hebben.

Het gaat er niet om dat er een noodzaak is, het gaat er om dat zoiets klaarblijkelijk plaatsvindt. Je kunt niet anders dan mediteren, naar Satsang gaan, boeken lezen. Blijkbaar is die hartstocht inherent aan het zoeken. Zonder zoeken geen hartstocht en zonder zoeken geen verlangen om de ervaring van afgescheidenheid op te lossen.Dus op zoek zijn naar een oplossing is inherent aan het lezen van boeken, mediteren, naar Satsang gaan of dat juist expres allemaal niet te doen. Het is de grote paradox - het zoeken naar een oplossing. Het staat de vanzelfsprekende natuurlijkheid die we zijn schijnbaar in de weg. Een diep verlangen, alles overheersend. Je hele leven lijkt vervuld te zijn van maar één verlangen: verlicht willen worden, althans dat was bij mij zo.

Vraag: Hierop aansluitend: misschien kun je nog iets zeggen over jouw weg of pad naar realisatie?

JK: Als kind werd ik vaak als het ware getart, door het zien dat er geen ik is.Dat lijkt overigens een contradictie, maar zo was het nu eenmaal. Dan legde mijn vader zijn hand op mijn voorhoofd en werd ik weer rustig.Toen ik een jaar of achttien was, stond ik in de kroeg en vroeg ik aan andere jongens of ze dat ook kenden: dat je niet een iemand bent en dat je nauwelijks een lichaam hebt. Daar werd dan stevig om gelachen Een jongen kwam later naar mij toe en zei dat zijn yogaleraar daar ook altijd over praatte. Zo kwam ik bij mijn eerste leraar.

Op mijn 22e gaf hij me de raad om naar Jean Klein te gaan, die twee keer per jaar naar Nederland kwam. Daarna of vlak daarvoor - dat weet ik niet meer - was er de ervaring waarbij de stoppen van het bekende doorsloegen en er geen enkel individueel besef meer was en geen lichaam. Het landschap stond in lichterlaaie en er was totaal geen aanknopingspunt meer met wat voor ons bekend is.Ik weet niet hoe lang dat was in chronologische zin, maar heel langzaam kwam de gedachte in me op: ik ben nu dood. Door het denken van die regel merkte ik al heel snel dat ik in bed rechtop zat en begon het lichaam voor een paar uur te 'shaken'. Nadien geen bliss, geen vrede en geen vrij zijn van angst, maar wel een absoluut helder doordrongen zijn van het besef, dat het ik waar we ons bestaan aan ophangen niets anders is dan een gedachte of een reflex.

Vraag: Voor het bespelen van de sarod heb je les gehad van Alexander Smit. Wat voor rol heeft Alexander gespeeld in jouw spirituele proces?

JK: Eigenlijk gaf Alexander geen muzieklessen, maar hij maakte voor mij een uitzondering.Zijn passie voor de klassieke Indiase muziek was ongekend. Van 1980 tot 1984 kreeg ik wekelijks lessen en volgde zo nu en dan zijn (toen nog) huiskamer-satsangs. Ik heb hele prettige en vriendschappelijke herinneringen aan die tijd. Ik beschouwde hem zeker als de man die de laatste resten twijfel bij me weg kon nemen.In een satsang-weekend, dat samenviel met mijn verjaardag, vroeg Alexander mij wat ik wilde hebben . 'Totale zelfrealisatie!', was mijn gretige reactie. 'Je moet me geen dingen vragen, die ik je niet kan geven.', was zijn onmiddellijke antwoord. Nadien hield het zoeken op.

Oorspronkelijk interview hier

Website Jan Kees Vergouw