zelfverlichtend

Zichzelf verlichtend, zichzelf bevrijdend.

De kenmerken van het gewaar zijn – dat wat weet heeft van datgene wat we op elk moment ervaren –  kunnen met een aantal begrippen aangeduid worden. Ze zijn bedoeld als pointers: het geeft aan in welke richting je ongeveer zou moeten kijken. Om er iets over te zeggen moet je al snel dualistische taal gebruiken, maar dat is niet meer dan een hulpmiddel om dingen duidelijk te maken. De werkelijke transformatie vindt pas plaats als je dit actief zelf direct ervaart; er over lezen en nadenken is niet meer dan een begin. Er door verbijsterd zijn is dan bijna onvermijdelijk – het is alsof je als kind voor het eerst achter de poppenkast mag kijken en je plotseling realiseert dat alles wat je zag eigenlijk heel anders is dan je eerst dacht.

Het eerste kenmerk van gewaar zijn is stilte. Geen doodse stilte, maar een zeer heldere stilte. Het is dat wat het komen en gaan van elk denken en voelen, zintuiglijk waarnemen en lichamelijk ervaren opmerkt, maar zelf niet komt of gaat. Het is een stilte die, eerst klein, kan groeien dan en alle ruimte inneemt waardoor er voor geen enkel verschijnsel nog veel plaats is; soms wat gemurmel op de achtergrond, soms helemaal niets. Beoefenen van meditaties op ruimte en leegte, en daarin in langdurig kunnen verblijven maken dit kenmerk helder zichtbaar.

 

Een ander kenmerk van dit gewaar zijn is kennendheid. Het vermogen tot kennen, weet hebben van, opmerken, er van bewust zijn, zien. Het is volkomen leeg maar verlicht alles. De natuur van dit gewaar zijn is niets anders dan Leegte, hier in de hoedanigheid van open toestaan, ruimte biedend, mogelijk makend. Maar dat betekent niet dat het niets is. Het betekent niet dat het doods is. Het kan elk soort ervaring opmerken. Het is in staat tot kennen, heeft weet van wat er gebeurt. Het is helder, open, opmerkzaam, altijd aanwezig, maar heeft geen locatie.

Deze Leegte is zelfverlichtend, en lichtgevend. Dit licht is constant, terwijl verschijnselen komen en gaan. Elk fenomeen wordt er door opgemerkt, maar geen enkele gebeurtenis kan haar veranderen. Alles wat hier in verschijnt wordt op datzelfde moment spontaan bevrijd, omdat gewaar zijn buiten ruimte, tijd en causaliteit staat. Zij verschijnen hierin; Leegte is primair.

Als je je meditatie hierop richt wordt je niet stom of als een vacuüm. Integendeel, er begint zich een natuurlijke helderheid te ontvouwen die zich steeds verder gaat uitbreiden. Emotionele knopen of duistere gedachten lossen op, niet door ze te ontwarren, maar omdat ze, zoals elk ander verschijnsel, geen soliditeit kunnen bewaren als ze in dit licht gezien worden. Ze worden transparant, en lossen dan op. Dit gewaar zijn houdt niets vast, verwelkomt alles, maar laat ook alles meteen weer gaan.

Als je deze kwaliteit verder wilt ontwikkelen richt je je aandacht eerst op een bepaalde gedachte of gevoel, staat die helemaal toe, laat die alle ruimte innemen. Dan richt je je aandacht op datgene wat zich bewust is van die gedachte of dat gevoel; datgene wat ziet, opmerkt, waarneemt, er zich van bewust is. Dan zul je merken dat het gevoel of de gedachte die eerst alle ruimte in leek te nemen oplost. Door dit herhaaldelijk te doen raak je vertrouwd met “de spontane zelfbevrijding van verschijnselen”

Deze zelfverlichtende leegte kan niet ontwikkeld worden, maar wel ontdekt. Zij is altijd al aanwezig, maar wordt meestal over het hoofd gezien. Door daar bewust de aandacht op te richten wordt duidelijk dat dit achter elke ervaring altijd al aanwezig is geweest, en dit ook altijd zal zijn. Zij verlicht elk soort ervaring maar is zelf niet iets wat ervaren kan worden. Het is wat je bent, altijd al.

Dit gewaar zijn is niet persoonlijk. Ondeelbaar, maar niet individueel. Het is precies hetzelfde in jou of in de Boeddha. Het is wat iedere zelfgerealiseerde op ieder moment realiseert. De volkomen lege, open, altijd stabiele, zelfverlichtende kennendheid.

Hier is geen zelf, geen ander, alleen maar ondeelbare eenheid, waarin beide kunnen verschijnen, maar ook meteen weer oplossen. Zoals deeltjes spontaan in een quantum vacuüm kunnen verschijnen en elkaar ook meteen weer opheffen.

Van hier uit leven betekent het einde van ieder verhaal of verklaring. Er is niets wat toegelicht hoeft te worden, want er is alleen maar dit, zonder enige andere reden dan dat het nu hier is. Elk houvast en iedere verklaring is overbodig geworden.

Het is niet het einde van je menselijkheid, want dat zal gewoon doorgaan. Nog steeds gevoelens, gedachten en een losjes gedragen identiteit. Maar het is wel het einde van je exclusieve identificatie er mee, je valt er niet langer mee samen. Open leegte is je thuis.

Het is ook niet het einde van het hebben van allerlei ervaringen. Die blijven gewoon doorgaan, maar zijn nu het spel, de dans, het bewegen van de stilte.

 

Verschijnselen zijn geest

Geest is leeg

Leegte is spontaan aanwezig

Spontane aanwezigheid is zelf bevrijdend

 

Zo eenvoudig is het.