Verlichting is geen nieuwe eigenschap

young monks at wooden doors

Ontwaken is de ontdekking van nonduaal bewustzijn als de altijd al aanwezige eigen natuur van zelf en wereld. Het is een gebeurtenis in tijd die een persoon kan meemaken; toen, daar, gebeurde het. Eerst was je niet verlicht, en daarna wel. Eerst zag je het niet, maar na de gebeurtenis van het ontwaken werd alles duidelijk.

 

Dat lijkt misschien duidelijk, maar omdat tegenwoordig vaak wordt gezegd dat verlichting geen ervaring is wil ik hier toch onderscheid maken tussen twee verschillende zaken. De realisatie van nonduaal bewustzijn leidt niet tot de afwezigheid van ervaring. Nondualiteit maakt geen einde aan dualiteit, maar overstijgt het.

 

 

Wat er gebeurt bij ontwaken – als iemand verlicht wordt – is dat duidelijk wordt dat bewustzijn niet beperkt is tot lichaam, denken en voelen, maar allesomvattend is. Eerst is er de ervaring en overtuiging dat bewustzijn een privéaangelegenheid is, maar er vindt op dat moment een radicale en onomkeerbare verschuiving plaats waarbij duidelijk wordt dat bewustzijn – heldere open aanwezigheid – alles is wat er is. Door deze grenzeloze uitbreiding wordt ook duidelijk dat het ervarend subject (“ik”) een object in gewaarzijn is. De tot dan toe ervaren splitsing in het bewustzijn (“ik ben iemand die de wereld ervaart”) wordt opgeheven en wat overblijft is het ervaren zelf, zonder dat er ergens nog een scheiding of grens wordt gezien of gevoeld. Er is ervaring zonder iemand die iets ervaart.

46075 556791644379565 1217474413 n
 

Vanaf dat moment ben je, voel je je niet langer een persoon, want de tot dan toe exclusieve identificatie met het ego, of de persoonlijkheid, is opgeheven. Het gevoel van identiteit is allesomvattend geworden. De persoonlijkheid zelf wordt niet opgeheven of tot aardappelpuree gereduceerd – alle objectieve of meetbare eigenschappen blijven in principe aanwezig, maar het gevoel dat er een begrenzing is die het verschil tussen ik en wereld aanduidt verdwijnt. Je bent openheid zelf en je realiseert je dat deze open aanwezigheid altijd al het geval was. Wat gezien wordt is dat er altijd alleen maar dit is en nooit iets anders dan dit. Heel, heel eenvoudig. Omdat dit open gewaarzijn leeg is, nooit een object kan zijn, is ook de ervaring van identiteit leeg geworden. Dit open gewaarzijn zou je het ultieme subject kunnen noemen, dat wat nooit geobjectiveerd kan worden.

 

Zo bezien is ontwaken vooral een radicale verschuiving van innerlijk perspectief. Alle min of meer objectieve of meetbare eigenschappen die als kenmerkend voor iemand worden gezien blijven onveranderd. Vanuit het perspectief van de objectieve onderzoeker (derde persoon enkelvoud – haar of zijn perspectief) verandert er weinig. Degene die is ontwaakt heeft nog steeds dezelfde lichaamslengte (duh!), leeftijd, geslacht, naam, familie, etc. Ook de meeste psychologische eigenschappen zoals gewoontes en overtuigingen, het temperament (licht ontvlambaar of rustig en introvert) blijven intact. Er zijn ook geen spectaculaire veranderingen te verwachten op het gebied van intelligentie, sociale vaardigheden, nauwkeurigheid of slordigheid – of welke voor andere zichtbare, of meetbare kwaliteiten dan ook. Natuurlijk veranderen mensen na het ontwaken, maar ze zouden ook wel veranderen als er andere gebeurtenissen zouden hebben plaatsgevonden.

man from india
 

De realisatie van altijd open bewuste aanwezigheid kan een effect hebben op de psychologische eigenschappen, maar dit hoeft niet. Veel mensen stellen zich misschien voor dat ze na de gebeurtenis van het ontwaken de ideale persoonlijkheid gaan krijgen, maar dat is natuurlijk niets anders dan weer één van die dromen van grandeur of onkwetsbaarheid waar ego’s zo dol op zijn.

 

Maar “verlicht zijn” is geen nieuwe eigenschap van de persoonlijkheid. Waar zou het aan gehecht moeten raken? Aan wie? Proberen je zelf een verlichte identiteit aan te meten is als schrijven op het wateroppervlakte. Het perspectief van eerste persoon enkelvoud is radicaal verschoven, maar het perspectief van andere mensen is dat niet. Die zien nog steeds wat ze altijd al zagen – een persoon. Die blijkbaar wat vaker huppelt, of zomaar een dansje doet. Of die nog steeds niet zo veel behoefte heeft aan gezellig babbelen. Iedere vogel zingt zoals die gebekt is, nietwaar?